Het proto-evangelie van Jacobus uit ca. 150 na Christus portretteert het begin van Maria’s leven. Het levensverhaal van Maria begint bij het huwelijk van Joachim en Anna, dat kinderloos blijft omdat Anna onvruchtbaar is. Een keer trekt Joachim zich terug met zijn kudde schapen. Op dat moment verschijnt een engel aan Joachim en zegt hem dat zijn vrouw hem een kind zal schenken. Anna snelt Joachim tegemoet naar de gouden poort. Ze ziet Joachim aankomen en ze vallen in elkaars armen. Negen maanden later brengt Anna een meisje ter wereld. Volgens de overlevering is dit in Nazareth op 8 september. De ouders noemen haar Maria. De betekenis van de naam is niet zeker. Meestal wordt het vertaald met ‘bedroefd’, ‘zee’ of ‘bitter’. Op haar derde leeftijd brengen zij Maria naar de tempel. Maria verblijft in de tempel tot haar verloving met Jozef. Zoals gebruikelijk in deze tijd, is zij bij haar verloving waarschijnlijk niet ouder dan 14 jaar.

Aankondiging van de geboorte van Jezus

[three_fourths] Het evangelie volgens Lucas vertelt over de aankondiging van de geboorte van Jezus (Lc. 1,26-38): “In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazareth, naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria. De engel trad bij haar binnen en zei: `Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.’ Zij raakte geheel in verwarring door wat hij zei en vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had. Maar de engel zei: `Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven. Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’ [/three_fourths]

[one_fourth_last]

Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God. [/one_fourth_last]

`Maar hoe moet dat dan?’ zei Maria tegen de engel. `Ik heb geen omgang met een man.’ De engel antwoordde haar: `Heilige Geest zal op u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overdekken. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God. Bovendien, ook Elisabeth, uw verwante, is op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand. Want voor God is niets onmogelijk.’ Toen zei Maria: `Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.’ Toen ging de engel van haar weg.

Bezoek aan Elisabeth

Vervolgens bezoekt Maria haar nicht Elisabeth in Juda. Elisabeth is zwanger van Johannes de Doper. “Zij ging het huis van Zacharias binnen, en begroette Elisabet. Meteen toen Elisabet de begroeting van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot. Elisabet werd vervuld met heilige Geest. Ze riep met luide stem: `Gezegend ben jij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot. Waar heb ik het aan te danken dat de moeder van mijn Heer bij mij komt? Op het moment dat je groet mij in de oren klonk, sprong het kind van blijdschap op in mijn schoot. Gelukkige vrouw, zij die gelooft! Wat haar namens de Heer is gezegd, zal in vervulling gaan.’ (Lc. 1,40-45)

Jozef en Maria op weg naar Bethlehem

Dan volgt het bekende kerstverhaal. Keizer Augustus schrijft een decreet voor een volkstelling. Jozef vertrekt met Maria naar de stad van David, Bethlehem: “Terwijl ze daar waren kwam voor haar de tijd dat ze moest bevallen, en ze baarde een zoon, haar eerstgeborene; ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, omdat er geen plaats voor hen was in het gastenverblijf. Er waren daar in de buurt herders, die in het veld overnachtten om de wacht te houden bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en de heerlijkheid van de Heer omstraalde hen. Ze schrokken hevig. Maar de engel zei: `Schrik niet, want ik heb een goede boodschap voor u, een grote vreugde voor het hele volk. Vandaag is in de stad van David uw redder geboren; Hij is de Messias, de Heer. Dit is het teken voor u: u zult een kind vinden dat in doeken is gewikkeld en in een voerbak ligt.’ Plotseling was er bij de engel een heel leger uit de hemel; ze loofden God met de woorden: `Glorie aan God in de hoogste hemel, en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij een welgevallen heeft.’ Toen de engelen weer van hen waren weggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: `Kom, we gaan naar Betlehem om te zien wat er is gebeurd en ons door de Heer is bekendgemaakt.’ Haastig gingen ze erheen en vonden Maria en Jozef, en het kind dat in de voerbak lag. Toen ze het zagen, maakten ze bekend wat hun over dit kind was gezegd. Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat hun door de herders werd gezegd. Maria bewaarde dit alles in haar hart en dacht erover na. De herders keerden terug. Zij verheerlijkten en loofden God om alles wat zij hadden gehoord en gezien; het kwam overeen met wat hun was gezegd” (Lc. 2,6-20). Toen Jezus in Bethlehem geboren was, volgde het bezoek van de drie koningen uit het Oosten.

Vlucht naar Egypte

In een droom verschijnt een engel aan Jozef. Hij wordt gewaarschuwd dat Herodes het kind komt zoeken om het te doden. Jozef en Maria vluchtten met Jezus naar Egypte en blijven daar, totdat zij het nieuws horen van de dood van Herodes. Ze keren terug naar Bethlehem. (vergelijk Mt. 2,1-15).

Jezus in de tempel

Op 12-jarige leeftijd gaat Jezus met zijn ouders naar naar de tempel in Jeruzalem. Op de terugweg van het daar gevierde feest raken zijn ouders hem in de menigte kwijt. Jozef en Maria verwachtten dat hun kind wel ergens in het reisgezelschap is. Dat blijkt niet te zijn. Zij keren terug naar Jeruzalem en na drie dagen zoeken vinden ze hem. Jezus geeft onderricht in de tempel. Maria vraagt: “Mijn kind, waarom hebt gij dit ons aangedaan?”. Jezus antwoordt haar: “Waarom hebt gij mij gezocht? Wist ge dan niet dat ik in het huis van mijn Vader moest zijn?”
Maria bewaart dit alles in haar hart. Jezus werd een wijs en volwassen man, die steeds meer in gunst kwam bij God en de mensen (Lc. 2,51-52).

Maria’s stille leven

Jezus groeit op tot volwassen man. In de Bijbel wordt zijn leven aan ons doorgegeven, met Maria op de achtergrond. Zij heeft geen prominente plaats in het publieke leven van Jezus. We weten dat zij aanwezig was op de bruiloft te Kana, waarbij ze verwijst naar haar Zoon: “Doe al wat Hij u zal zeggen”. Vooral blijft Maria op een afstand. Bij Jezus’ arrestatie en kruisiging is Maria aanwezig. Hoe bedroefd moet zij niet zijn, haar zoon zo te zien. In het Johannesevangelie is een korte conversatie tussen beiden (Joh 19,25-27): “Intussen stonden bij het kruis van Jezus zijn moeder, de zuster van zijn moeder, Maria de vrouw van Klopas, en Maria van Magdala. Jezus zag zijn moeder, en bij haar de leerling van wie Hij hield. Toen zei Hij tegen zijn moeder: `Vrouw, daar is nu je zoon.’ Vervolgens zei Hij tegen de leerling: `Daar is je moeder.’ Toen, van dat uur af, nam de leerling haar bij zich in huis op.” Vanaf dat moment kunnen we Maria beschouwen als moeder van alle christenen. Waarschijnlijk heeft Jezus zijn dode lichaam na de kruisafname ontvangen. Door vele kunstenaars is dat uitgebeeld als de ‘pieta”: de Moeder van Smarten.

Pinksteren

Maria komt ten slotte nog eenmaal in beeld. Het is tijdens Pinksteren. De apostelen zijn bij elkaar gekomen in het cenakel en bidden om de heilige Geest. In de Handelingen van de apostelen wordt dit opgetekend (Handelingen 1,12-14; 2,1-4). Ook Maria wordt vervuld van de heilige Geest, gelijk het Magnificat dat zij uitsprak na de boodschap van de engel.

De dood van Maria

Na de kruisdood van haar zoon gaat Maria met Jezus lievelingsapostel Johannes naar Efese. Daar is zij vervolgens vreedzaam gestorven. Zeker is dit echter niet. Andere aanwijzingen geven aan dat Maria in Jeruzalem bleef en daar is overleden. Bij de dood van Maria wordt gesproken over Koimesis (grieks: Dormitio): de ontslaping van Maria. In het huis in Jeruzalem waar Maria woonde op de berg Sion is zij na haar dood verschenen. Dit werd eerst in de Oosterse kerk gevierd. Enige eeuwen later is de gebeurtenis als Maria Hemelvaart op 15 augustus door Rome overgenomen. Met dit feest wordt herdacht dat Maria, net als Jezus, voortleeft in de liefde van God.