Vers voor de Zondag: 13 februari

In onze rubriek ‘Vers voor de Zondag’ blikken we vooruit op de eucharistieviering  van de aanstaande zondag (of feestdag): wat vertelt het Evangelie ons? Om wat voor thema draait deze viering? Wat zou je kunnen doen om dit te onderstrepen?

6e zondag door het jaar

Gezegend

Wanneer ben je gezegend? Wanneer voel je je gezegend? Er kunnen heel wat antwoorden gegeven worden meestal afhankelijk van wat je belangrijk vindt in je eigen bestaan. Jezus heeft een tegendraadse insteek. Zijn visie op een gezegend, een gelukkig bestaan is niet doorsnee. Het gaat Hem om een ‘wereld-omgekeerd’. Hij geeft zelfs nog aan dat wanneer je onverschillig met de gegeven kansen omgaat, dit wel eens averechts kan uitwerken. Prettige boodschap? Of is het eerder een reële boodschap?

Exegetische notities Evangelie

Lucas 6,17.20-26

Na een botsing met Farizeeën en schriftgeleerden vanwege een genezing op sabbat heeft Jezus zich teruggetrokken op een berg; plaats van ontmoeting met de Eeuwige (vgl. Ex. 19,3). Na een nacht van gebed roept Jezus zijn leerlingen bij zich de berg op en stelt er twaalf aan als zijn apostelen. Samen met hen daalt hij daarna de berg af naar de vlakte waar een grote groep volgelingen en nieuwsgierigen Hem opwachten. Daar spreekt Jezus hen toe en in een lange rede legt hij hen zijn ‘Tora’ voor, die hij heeft ontvangen op de berg als een tweede Mozes. Niet gegrift in steen, zoals Mozes die ontving, maar in Hem als persoon.

De verzen 20-26 lijken daarop een inleiding te zijn. Maar zijn de twee posities die Jezus hier tegenover elkaar stelt, eigenlijk niet de kern van wat Jezus aan zijn volgelingen en aan die van alle tijden leert om te doen?

Eerst wendt Jezus zich speciaal tot zijn leerlingen en wenst hen geluk met hun bezitsloosheid. Zij hebben immers alles achtergelaten, toen zij besloten om hem na te volgen (5,11). In plaats van de opbrengst van hun visserij belooft Jezus hun optimale volheid van leven: Gods koninkrijk. Nú zullen zij nog voor allerlei beproevingen komen te staan, zoals vóór hen de profeten, die optraden in naam van de Eeuwige, maar die wegen niet op tegen de vervulling, die hen wacht. Verdriet en frustratie, die zij nu nog geregeld zullen ondervinden, zullen plaats maken voor rijkelijke voldoening

Tegenover degenen die hem met hart en ziel willen volgen, stelt Jezus degenen, die niet echt zijn volgelingen zullen zijn. Die denken het nú al gemaakt te hebben wat betreft bezit en maatschappelijke positie, aanzien. Zij zullen op een gegeven moment de ijdelheid ervan inzien en de leegte van hun leven ervaren, wanneer mensen hen laten vallen, omdat zij als valse profeten met beursindexen en prijsmanipulaties valse verwachtingen hebben gewekt en bezeten door graaigedrag en eigenbelang zich te weinig hebben ingezet voor het welzijn van de meest kwetsbaren. Beklagenswaardige, arme lieden zijn het.

Na de scherpstelling van deze beide posities legt Jezus het verzamelde volk zijn ‘Tora’ voor, die tot in lengte van dagen oproept om te worden omgezet in daden als navolging waarin Jezus voorging.

Focus

Er is een lied dat begint met: ‘Wie ten einde toe, alles heeft gegeven… Zalig, zalig is die mens.’ Oftewel: nadat die persoon alles van alles wat hij in zijn leven verworven heeft, heeft meegedeeld aan anderen, die dat hard nodig hadden, is hij in de woorden van Jezus alleen maar rijker geworden. ‘Arm’ en ‘rijk ’krijgen bij Jezus een andere invulling. Geen materiële, maar een morele. ‘Graaiers’ zijn voor Jezus de armoedzaaiers. En mensen, die zelfs het weinige wat zij bezitten, delen met anderen, die het harder nodig hebben, zijn voor Jezus rijk, meer ‘mens’ geworden.

Impliciet stelt Lucas ook aan ons de vraag: bij wie wil jij horen? Bij die volgens Jezus’ woorden nú arm zijn of bij die nú rijk zijn?

Bij twijfel: doe dan de toets, die Jezus ons in het vervolg van zijn toespraak aanbiedt. En laten we er aan blijven werken de score steeds beter te maken.

Suggestie: Venster van de ziel

Mag ik je ogen toewensen die de kleine dingen van de gewone dag zien en in het licht zetten. Mag ik je oren toewensen die de nuances en de ondertonen in het gesprek met anderen opnemen. Mag ik je handen toewensen die niet langer overleggen of ze zullen helpen en goed zullen zijn. Licht dringt door het venster van de ziel en ons binnenste en straalt terug in onze omgeving onderweg met medemensen. Je mag zijn als een venster waardoor Gods Liefde in de wereld schijnt.

Edith Stein

 

Deze teksten en suggestie zijn genomen uit de ‘Handreikingen voor liturgie voor de zon- en feestdagen’ van Berne Media. In deze uitgave staan exegetische notities voor elke lezing en antwoordpsalm, een ‘kapstok’ voor de verkondiging, misteksten, voorbeden en diverse andere suggesties voor vieringen met gewijde of niet-gewijde voorganger. Voor meer informatie over de uitgave en een abonnement, zie de website van Berne Media.