Nu het Oekraïne-referendum van 6 april 2016 steeds meer in zicht komt, neemt de spanning toe. Ook in het land dat lijdend voorwerp is van onze volksraadpleging en dan vooral onder de veranderingsgezinde krachten. Tot die laatste groep behoren ook kerk, synagoge en moskee. De aankondiging van de door Geen Peil afgedwongen consultatie leidde daar eerst tot ongeloof en nu toch vooral ontzetting over wat er in Nederland gaande is. Ook omdat juist bij ons de gevolgen van de crisis in Oekraïne, in de vorm van MH17, zo hard zijn aangekomen.

Door de politieke en militaire crisis in Oekraïne zijn kerk, synagoge en moskee twee jaar geleden nader tot elkaar gekomen en die verbondenheid bestaat tot vandaag de dag. Niet heel erg verwonderlijk, want die band werd bijna letterlijk in vuur gesmeed op het Onafhankelijkheidplein in Kiev. Samen hebben gelovigen van alle gezindten en uit alle wereldgodsdiensten er geprotesteerd tegen de weigering van pro-Russische president Viktor Janoekovitsj om het associatieverdrag met de Europese Unie te ondertekenen. Als gevolg van het protest vluchtte de brutale en gewelddadige Janoekovitsj eind februari 2014 naar Rusland.

In de winter van 2013-2014 stond op het plein, tussen de brandende barricaden, een grote kapeltent, waar gelovigen, christenen en niet-christenen en ook ongelovigen voor een schietgebedje, een biechtgesprek of een liturgieviering bijeen kwamen om zich opnieuw op te laden. Die tent was een krachtig symbool van grote eensgezindheid. Bijeenkomsten op het ijzig koude plein gingen gepaard met oecumenisch gebed waaraan ook de orthodoxe kerk van het patriarchaat van Moskou deelnam. Vanuit alle regio’s van Oekraïne en de buurlanden waren demonstranten toegestroomd.

Waardigheid

“Waardigheid” was het parool van de geweldloze opstand tegen president Janoekovitsj. Het was ook niet voor niets dat de demonstranten de oproerpolitie begroetten met de kreet “slaven, slaven”. In hun ogen hadden ordehandhavers, die tijdens de protesten een flinke loonsverhoging ontvingen, hun ziel aan de zittende macht verkocht. “Revolutie van waardigheid” is daarom de gebruikelijke aanduiding voor de gebeurtenissen van 2013-2014. Een waardig leven, vrij, niet onderworpen, daar ging het om. En voor de verandering wonnen deze keer de “good guys” het pleit: Oekraïne kon haar pro-Europese ambities gaan waarmaken.

De leider van de met Rome verbonden Grieks-katholieke kerk, groot-aartsbisschop van Kiev-Halitsj Svjatoslav Sjevtsjoek vatte de gebeurtenissen in het najaar van 2014 als volgt samen. “De Oekraïners reizen op een moeizame pelgrimsweg die hen leidt leidt van post-Sovjet-angst naar vrijheid en door God gegeven waardigheid. Getraumatiseerd door wereldoorlogen, door bruin en rood totalitarisme en genocide, wensen zij voor zichzelf een rechtvaardige samenleving en een democratische, Europese toekomst.”

Spel

Eigenlijk is alles wat na de “revolutie van waardigheid” kwam onderdeel van een lang uitgesponnen propagandaspel, dat met Oekraïne zelf weinig te maken heeft. De door Rusland ontketende “burgeroorlog” in het oosten van het land, de Russische bezetting van de Krim, MH17 en het Russische rookgordijn rond het luchtvaartonderzoek. Om schendingen van de internationale rechtsorde te rechtvaardigen trok het Kremlin een niet bestaande fascistische revolutie in Kiev uit de kast. In juni 2014 voelde de Grieks-katholieke bisschop van Parijs Boris Goedzjak zich genoodzaakt Nederlandse collega-bisschoppen daarover bij te praten.

Het Geen Peil-referendum sluit op die propaganda aan en heeft weinig te maken met Oekraïne of met het associatieverdrag. Wel gaat het om eenzijdige beelden die we maken van een land ver weg. Die beelden worden vervolgens gemixt met onze frustraties en angsten. Onze meningen worden geijkt aan de waarde die we hechten aan de relatie Rusland-Europa, aan de irritaties over het Europese en het Nederlandse politieke bestel, en aan onze rode lap-reflexen bij het woord “fascist”. Oekraïne en haar inwoners worden ontmenselijkt en ontvoogd.

Overvraagd

Nu is het trouwens niet zo dat de Oekraïense religieuze leiders naïef zijn over hun land. Ook voor hen is klip en klaar dat het land niet bepaald onder een gunstig gesternte staat.

In Oekraïne ging het al niet erg voorspoedig en de oorlog heeft uiteraard een enorm negatieve uitwerking gehad. Met Krim en Donbas gingen twee economische centra verloren en 2,5 miljoen vluchtelingen moesten elders in het land onderdak krijgen. De maatschappelijke nood laat zich goed illustreren met het budget van de Grieks-katholieke Caritas, dat in drie jaar tijd van circa 1,5 miljoen naar 15 miljoen euro steeg. In 2015 sprak groot-aartsbisschop Sjevtsjoek over “de ergste humanitaire catastrofe in Oekraïne sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog.”

En natuurlijk, er is een enorme corruptie gaande: moeilijk te stoppen maar met een eigen logica. Wanneer dienstverleners zoals de staat niet langs geijkte kanalen leveren wat ze moeten leveren, zoeken producenten en consumenten informeel hun eigen, slinkse wegen. Dat positieve veranderingen toch plaats vinden, is in de gegeven situatie al een klein wonder. Verdient het land misschien daarom niet ook steun bij alle politieke, economische, sociale en juridische hervormingen?

Oproepen aan Nederland

Na de Oranjerevolutie in 2004 die vooral een West-Oekraïens “feestje” was en al gauw, ook door gebrek aan ruimhartige buitenlandse steun, in elkaar zakte, heeft de “revolutie van waardigheid” meer laten zien. De strijd voor een geregeld en zinvol leven op Europese voet wordt breed gedragen in de Oekraïens samenleving, in de westelijke en in de oostelijke regio’s. Het laat zien dat Oekraïne een anders gestemd, meer Europees land is dan bijvoorbeeld Rusland of Wit-Rusland.

Ditmaal is de combinatie van pro-Europese krachten even opmerkelijk als indrukwekkend. Oproepen van religieuze en seculiere joodse leiders, van oud-dissidenten en slachtoffers van de communistische repressie en van de LGBT-gemeenschap om “ja” te stemmen zijn al naar ons uitgegaan.

En nu hebben ook de religieuze leiders van Oekraïne zich onder dit bonte gezelschap geschaard. Eind maart 2016 komt een interreligieuze delegatie naar Nederland. De leden zijn onder andere opperrabbijn Dov Bleich, orthodoxe patriarch Filaret, groot-aartsbisschop Svjatoslav Sjevtsjoek, mufti Said Ismagov en enkele protestantse bisschoppen. Met hun gezag, dat ze zeker in Oekraïne hebben, willen ze het Nederlandse publiek bewegen “ja” te stemmen tegen het referendum. Wat er hier ook over hun land wordt gedacht of gezegd, zij hebben Nederland nog niet opgegeven.

 

Frans Hoppenbrouwers is medewerker van de stichting Communicantes te Tilburg. Communicantes beweegt zich op het gebied van uitwisseling en dialoog met onder andere de rooms-katholieke kerk en gelovigen in Oost-Europa. Daarbij staat het thema vrede en verzoening centraal.