Lexicon katholieke coronabegrippen: humor met serieuze ondertoon

0
975

Frank Bosman, Eric van den Berg en Peter van Zoest, auteurs van ‘Eerste hulp bij katholieke begrippen’, hebben een lexicon voor katholieke coronabegrippen als ebook uitgebracht: een satirisch ingestoken verzameling van woorden als ‘afstand(s)dopen’ en ‘wijwatervrees’. Zes vragen aan de brengers van deze luchtigheid in barre tijden.

Hoe is het idee ontstaan? Een soort grappige aanvulling op ‘Eerste hulp bij katholieke begrippen’?
Eric begint: ‘Het begon met de hostiegrijper die we voorbij zagen komen. Dat was zo’n opmerkelijk woord voor een eucharistisch pincet dat het snel bekeken was: er moest een ironische update komen voor onze eerdere publicatie.’ De drie auteurs ergerden zich over de in hun ogen klinisch-juridische bewoordingen van de bisschoppelijke coronaprotocollen. Peter: ‘Ze staan ook nog eens bol van de ge- en verboden. Dat vraagt gewoon om satire. We waren het daar snel over eens.’ Frank onderstreept het belang van humor in de kerk: ‘Lachen om jezelf is altijd prettig, voor jezelf en voor anderen.’

Wat zijn jullie favoriete woorden en waarom?
Erics favoriet is zonder meer ‘kruistekenabstinentie’, terwijl Peter gaat voor ‘hostiehonger’. Dat licht hij graag toe: ‘Het niet fysiek kunnen ontvangen van het sacrament van de eucharistie is voor katholieken toch wel het grootste gemis geweest de afgelopen tijd. Er ontstaat dan een ‘honger’ naar, net zoals mensen snakken naar huidcontact in de anderhalvemetersamenleving.’ Frank gaat voor het ‘Coronacredo’, maar dan wel met een hele andere reden: ‘Het allitereert, dat ten eerste. En er zitten twee c’s in, ook niet onbelangrijk. Bovendien hebben de woorden ‘credo’ en ‘Corona’ samen precies vijf lettergrepen. Dat kan niet zonder betekenis zijn.’

Wat voor reacties krijgen jullie?
Peter is enthousiast. ‘In contacten met krantenjournalisten die ik op de hoogte bracht van ons project, kreeg ik steeds te horen dat het een verademing is om op deze manier aan te kaarten dat de kerk de plank met dit soort ‘gedram’ toch wel behoorlijk misslaat. Vaak werkt satire beter om iets duidelijk te maken dan wat gezwaai met een opgestoken vingertje.’ Eric interrumpeert: ‘We zitten natuurlijk wel een beetje te azen op een episcopale glimlach.’ Frank knikt en staart naar een plek op het plafond waar niets te zien is.

Wat serieuzer: waarom hebben we in tijden van crisis, zoals in deze coronatijd, ook humor nodig?
Alle drie de auteurs zijn kritisch op het ‘nieuwe normaal’. Frank voegt enigszins activistisch toe: ‘Omdat we verdrinken in de collectieve verstikking van het ‘nieuwe normaal’. Het nieuwe normaal zal nooit normaal zijn. En dit boekje illustreert dat.’ Eric benadrukt dat het in deze tijden van angst en onzekerheid ook de lighter side of town een belangrijke element is.

Wat doet die humor voor ons?
Terwijl Peter en Eric afgeleid zijn door een langsvliegende bromvlieg, gaat Frank er goed voor zitten: ‘Humor versplintert de afgodsbeelden die wij in ons hoofd hebben: van God, van de kerk, van Corona, enzovoorts. Alle beelden moeten vernietigd worden. Behalve van Maria, Jezus, en alle heiligen. Die mogen blijven natuurlijk.’

Nog een laatste wens?
Eric namens allen: ‘Downloaden dat Lexicon. En we zoeken nog een uitgever die het durft de lexicon op papier uit te brengen als bibliofiele editie!’

Het Lexicon is te downloaden via mediakathedraal.nl