Het huidige Nederland telde in de Middeleeuwen 34 cisterciënzer kloosters — zowel mannen- als vrouwenkloosters. Het eerste was Klaarkamp in Friesland: gesticht in 1165, zestig jaar na de stichting van Citeaux, het ‘moederklooster’ van de cisterciënzers.

Tijdens de Reformatie werden ze onteigend en grotendeels gesloopt. Alleen de kerken van Loosduinen bij Den Haag en Kloosterzande (Zeeland) die vroeger bij een cisterciënzer klooster hoorden, bestaan nog. En dan is er ook nog de Munsterkerk in Roermond. De stad hoorde niet tot de protestantse Republiek en het klooster bleef dus bestaan – tot in 1797 de Fransen er een eind aan maakten. Overigens sloopten zij het klooster niet: dat deed architect Pierre Cuypers die alleen de Munsterkerk liet staan en naar zijn smaak restaureerde.

Het boek geeft voor het eerst een overzicht van alle 34 middeleeuwse cisterciënzer kloosters in Nederland. De uitgave is fraai geïllustreerd en dat is een knappe prestatie. Het is immers moeilijk om veel afbeeldingen te vinden van gebouwen die al eeuwen geleden verwoest zijn. Ook daaraan zie je hoeveel aandacht er is besteed aan dit boek.

De auteur maakte jarenlang deel uit van de benedictijner orde. Dat zorgt ervoor dat het religieuze aspect de nodige aandacht krijgt, vooral in de uitvoerige inleiding die de geschiedenis van de cisterciënzer orde op een heldere manier uiteenzet.

Philip Holt, Schiere monniken en grijze vrouwen. Cisterciënzers in Nederland 1165-1797 Budel: Damon 2015,343 p. ISBN 978 94 6036 189 0 € 39,90.

Zie ook de website kloosterboek.nl