Vers voor de Zondag: 19 juli

0
701
Korenaar met onkruid

In onze rubriek ‘Vers voor de Zondag’ blikken we vooruit op de eucharistieviering van aanstaande zondag (of feestdag): wat vertelt het Evangelie ons? Om wat voor thema draait deze viering? Wat zou je kunnen doen om dit te onderstrepen?

Zestiende zondag door het jaar

Rijp en groen

Met de ‘botte bijl’ of met de zachte hand: hoe reageer je op mistoestanden? De neiging is vaak groot om met harde hand enkele veranderingen door te voeren, maar is dit vruchtbaar op de langere termijn? De boodschap op deze zondag is: laat rijp en groen naast elkaar staan. Heb aandacht voor de onvermoede kanten in mensen als je hun vertrouwen schenkt, vertrouwen op het zelf oplossend vermogen van een gemeenschap. God heeft zijn goede geest aan ieder van ons geschonken. Mogen we daar geen moed uit putten?

Exegetische notities Evangelie

Matteüs 13,24-43 (of 24-30)

De christelijke gemeenten waarvoor Matteüs schreef bestonden vooral uit Joodse aanhangers van Jezus. Maar er waren ook veel Joden die het evangelie dat Jezus verkondigde niet accepteerden. Hoe moeten christenen omgaan met deze problematiek? Dat wordt duidelijk met de parabel over het onkruid tussen de tarwe (24-30).

Deze parabel zal vreemd geklonken hebben in de oren van de menigte. In een graanveld groeit er meestal onkruid, dat hoort erbij, maar een vijand die een voorraad onkruidzaad heeft en deze op een nacht uitzaait, is niet gebruikelijk. Onkruid niet tijdig verwijderen maar laten groeien, roept zeker vragen op. De ongewone manier van zaaien en oogsten die in deze gelijkenis wordt verteld, heeft de toehoorders zeker doen nadenken.

In deze parabel zitten verschillende metaforen en de leerlingen vragen Jezus om uitleg (13, 36) want ze begrijpen niet wat het verhaal betekent. Zijn antwoord is helder. Het gaat over het oordeel op het einde van de wereld. De akker waarop de Mensenzoon zaait is de hele wereld (38) en op het einde der tijden zal het onkruid worden gescheiden van het goede zaad (de kinderen van het Koninkrijk). Het onkruid omschrijft Jezus als: allen die anderen ten val hebben gebracht en de wetten hebben verkracht (41). Dat zijn degenen die zich tegen God verzetten, die weigeren zijn wil te volbrengen. Pas bij de voltooiing van deze wereld maakt de Mensenzoon een scheiding tussen het goede zaad en het onkruid. Nergens lezen we dat aan mensen een rol wordt toebedeeld, niet als het onkruid de kop opsteekt, want ze zouden zowel onkruid als tarwe uittrekken (29), ook niet bij de oogst. Blijkbaar is het ‘zuiveren’ niet in goede handen bij mensen.

In de volgende parabel vergelijkt Jezus het Koninkrijk van de hemel met een piepklein mosterdzaadje dat kan uitgroeien tot een grote plant, een boom van bijna drie meter. Hier staat de tegenstelling tussen een onopvallend begin en het onverwacht resultaat centraal. Maar over welk begin gaat het? Jezus spreekt hier over het bescheiden begin van zowel zijn eigen optreden als van dat van het koninkrijk.

Aansluitend lezen we over de zuurdesem die het meel doet gisten tot een grote hoeveelheid, genoeg om er meer dan 100 broden mee te bakken. Ook hier de vergelijking met het Koninkrijk van God. De gist werkt met als gevolg: een verbluffend resultaat.

Drie parabels die allen over het Koninkrijk der hemelen gaan maar met een verschillende invalshoek. De eerste gelijkenis gaat in op het oordeel bij de voltooiing van de wereld, de tweede over het verschil tussen een onopvallend begin en het eindresultaat en de laatste over de groei van het Koninkrijk.

Themastelling

Zolang er geen scheiding is gebeurd, de zaken niet geordend zijn naar bepaalde kwaliteiten, spreken we van ‘rijp en groen’.

Het evangelie van vandaag leert ons dat het selecteren tussen goed en kwaad geen taak is die voor ons is weggelegd. Tarwe en onkruid zijn zo verknoopt met elkaar dat geen mens dit kan ontwarren zonder schade aan te richten. Kernvraag hierbij is: hoe moeten we omgaan met goed en kwaad? Matteüs ziet af van elke poging om nu al de leden van de gemeenschap die tot de ‘niet-rechtvaardigen’ behoren uit te roeien. ‘Laat beide samen opgroeien’ is een antwoord dat getuigt van tolerantie. De tijd is nog niet gekomen om het goede gewas van het kwade te scheiden, dat gebeurt pas met de oogst door de Mensenzoon.

Het ‘tot inkeer komen’ is altijd mogelijk bij God, leert ons de auteur van het boek Wijsheid, en wij worden aangemaand menslievend te handelen. En in Psalm 86 voeren genade en vergeving de boventoon en niet het vragen om straf voor de vijand. Het omgaan met goed en kwaad, geloof en ongeloof, is geen makkelijke materie maar Paulus wijst op de Geest die ons te hulp komt en namens ons tot God bidt.

Suggestie: 19 juli – aandacht voor de H. Bernulfus van Utrecht

Op de heiligenkalender staat vandaag een Nederlandse heilige. Bernulfus was pastoor in Oosterbeek rond het jaar 1000 toen hij tot bisschop van Utrecht benoemd werd. Volgens een legende konden de kapittelheren door onderlinge ruzies geen opvolger voor de gestorven bisschop Adelbold kiezen. Daarom besloot keizer Koenraad II zich er persoonlijk mee te bemoeien. Hij reisde naar Utrecht. Zijn hoogzwangere vrouw, keizerin Gisela, reisde met hem mee. Totdat bij Oosterbeek de bevalling begon. De plaatselijke pastoor, Bernulfus, bood haar onderdak. De keizer reisde ondertussen verder naar Utrecht en probeerde tevergeefs de strijdende partijen tot elkaar te brengen. Midden in die beraadslagingen kwam Bernulfus Koenraad het blijde nieuws melden dat hij vader was geworden van een dochter en dat moeder en kind het goed maakten. De dankbare keizer waardeerde het zeer en benoemde hem ter plekke tot opvolger van bisschop Adelbold. De bisschop is de keizer daarna altijd trouw gebleven.

Hij liet verschillende kerken in Utrecht, Zwolle en Deventer bouwen. Daarom is hij sinds 1869 de patroon van de Vereniging tot Bevordering van Kerkelijke Kunst: het Bernulfusgilde. Hij is zelfs afgebeeld op de achterzijde van het Rijksmuseum in Amsterdam.

De teksten en suggestie zijn genomen uit de ‘Handreikingen voor liturgie voor de zon- en feestdagen’ van Berne Media. In deze uitgave staan exegetische notities voor elke lezing en antwoordpsalm, een ‘kapstok’ voor de verkondiging, misteksten, voorbeden en diverse andere suggesties voor vieringen met gewijde of niet-gewijde voorganger. Voor meer informatie over de uitgave en een abonnement, zie de website van Berne Media.