Vers voor de Zondag: 30 augustus

0
605
Kruis dragen

In onze rubriek ‘Vers voor de Zondag’ blikken we vooruit op de eucharistieviering van aanstaande zondag (of feestdag): wat vertelt het Evangelie ons? Om wat voor thema draait deze viering? Wat zou je kunnen doen om dit te onderstrepen?

22e zondag door het jaar

Durven verliezen om…

We zitten nog in de naweeën van het coronavirus en er is een aanslag gebeurd op ons welbevinden. Niet alleen in het leven van mensen die ziek zijn geworden of in hun familie het gemis van dierbaren moeten betreuren. Er is ook een aanslag gepleegd op onze samenleving, op onze economie, op het algeheel welbevinden van mensen. Wereldwijd. Gelukkig staan we in een verhalentraditie waarin verlies en redding met elkaar optrekken. Er wordt ons zelfs gezegd dat durven verliezen een weg kan zijn om te groeien in hoop, in geloof, in… liefde.

Exegetische notities Evangelie

Matteüs 16,21-27      

Wie mijn volgeling wil zijn, moet mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. In de joodse tradities uit Jezus’ tijd, waarin men bekend was met het feit dat de veroordeelde zelf zijn kruis naar de executieplaats droeg, gold dit vers uit de evangelielezing van vandaag als een zelotenspreuk. Dit appel hebben de kerkvaders later vergeestelijkt en afgezwakt tot een abstracte oproep zich te bekommeren om het zielenheil. Wat de oproep betekende toen Jezus hem op aarde sprak, was veel eenvoudiger, uitdagender en doodernstig. Het was een welgemeende waarschuwing, gericht aan jonge heethoofden uit Galilea, die zich in de roes van het enthousiasme bij zijn beweging wilden aansluiten. Tot hen werd gezegd: wie van jullie niet bereid is ook de laatste consequentie te riskeren, namelijk de rebellendood aan het Romeinse kruis, die moet maar liever thuisblijven. Het was de gruwelijke, wrede waarheid, die duizenden joden met hun leven moesten betalen; ook niet-Zeloten, die alleen maar verdacht werden van verzet of die kritiek durfden te uiten op de Romeinse imperialistische politiek. In deze zin hebben ook de apostelen Jezus begrepen, toen ze huis en haard verlieten, om met hun meester te strijden voor Israël. Natuurlijk zijn er altijd mensen geweest die aanstoot namen aan die consequentie van het kruis. Dat geldt ook voor Petrus. Onmiddellijk na diens belijdenis wordt het duidelijk dat hij van de Zoon van God iets anders verwacht dan wat Jezus zelf bedoelt. Er staat in de Schrift meer dan louter een messiaanse belofte: de Schrift brengt ook noodzakelijk lijden te berde: Mozes die zo vaak bedreigd moest worden door zijn volk; Jozef die door zijn eigen broers in de put geworpen en verkocht moest worden aan niet-joden; Jona die in de zee moest ondergaan voordat hij het woord tot de niet-joden bracht; de lijdende knecht uit Jesaja, die de zonden van zijn volk op zich moest nemen; de doorstoken herder uit de slothoofdstukken van Zacharia. Jezus zal de psalmteksten die spreken over lijden hebben gebeden. Hij kende het verhaal over Abrahams verplichte offer van Isaak. Hij wist wat Hosea gezegd had over de verrijzenis op de derde dag en wat het boek Jona over die derde dag zegt. Het is zelfs niet ondenkbaar dat Jezus met zijn ‘op de derde dag’ verwijst naar Daniel, waarin het gaat over ‘een tijd, tijden en een halve tijd’ die onmiddellijk aan de voleinding voorafgaan. Dit lijden ‘moet’ en daarin wordt de opdracht zichtbaar die profeten van Godswege te vervullen hebben. Ze kunnen niet anders. We herkennen hier Jeremia uit de eerste lezing.

Stelselmatig is Jezus weggevlucht voor de overheid in Jeruzalem. Dat is nu voorbij. Vluchten kan niet meer. Jezus moet naar Jeruzalem. Niet iedereen zou zo’n voor hem tragische beslissing vrijwillig nemen.

In Petrus, die hem van dit lijden veroorzaakt door het Sanhedrin – de leden ‘oudsten, hogepriesters en schriftgeleerden’ worden afzonderlijk genoemd – probeert te weerhouden, klinkt in de oren van Jezus de stem van de ‘sjatan’, de ‘aanklager’ die we kennen uit de woestijn. Jezus’ harde uitspraak is alleen in de onmiddellijke context merkwaardig. Kort tevoren werd Petrus nog hoog boven de andere apostelen geplaatst: hij was een rotssteen; nu is hij steen des aanstoots. In zijn algemeenheid is de uitspraak niet vreemd: Petrus stippelt de menselijke, gewoonlijk de gemakkelijkste weg uit voor Jezus als Messias: een koninklijke en zegevierende figuur. De idee van een lijdende Messias is hem ten enenmale onbekend. Hij meent te weten dat God zijn Messias wel voor lijden zal behoeden. Jezus is als Messias echter gekomen om Gods bedoelingen ten uitvoer te brengen. In dat verband zijn Jezus’ uitspraken waarin de grondgedachte van de ‘zelfverloochening’ wordt ontwikkeld ook duidelijk. Dat zal in de toekomst de daad zijn van christenen, waarbij de climax is dat ze (het) leven zullen vinden. Dát is dus de consequentie van het kruis.

Themastelling

Jeremia kunnen we beschouwen als een mens die zijn leven besteedt voor de zaak van God en zo zijn leven ‘verliest’, maar het uiteindelijk wint. Dat gaat vaak moeizaam en dat wordt tot God ook gezegd. Het programma van Jezus is geschreven naar het voorbeeld van Jeremia. Je kruis dragen, het leven verliezen, zal uiteindelijk betekenen dat je het ware leven vindt.

Suggestie

De Tweede lezing, uit de brief aan de Romeinen, kan heel goed gebruikt worden als inleiding op het ontvangen van het heilig Brood, zowel in een eucharistieviering als in een communieviering. De tekst kan als volgt ingeleid worden en gebruikt worden:

V:
Paulus schrijft in zijn brief aan de christenen van Rome,
Paulus schrijft aan ons:

Wijdt uzelf aan de Eeuwige toe als een levende, heilige offergave.
Stemt uw gedrag niet af op deze wereld.
Wordt andere mensen, met een nieuwe visie.

A (zingend):
Wie zijn leven niet wil geven,
niet wil delen, met een ander, gaat verloren.
Wie wil geven wat z/hij heeft, die zal leven, opgegeten,
die zal weten dat z/hij leeft.

V:
Wordt andere mensen, met een nieuwe visie.
Dan zijt ge in staat om uit te maken wat God van u wil,
en wat goed is, wat zéér goed is en volmaakt.

Zo delen wij het brood,
opdat een nieuwe wereld komen zal,
opdat er vrede is, voor alles en allen.

De teksten en suggestie zijn genomen uit de ‘Handreikingen voor liturgie voor de zon- en feestdagen’ van Berne Media. In deze uitgave staan exegetische notities voor elke lezing en antwoordpsalm, een ‘kapstok’ voor de verkondiging, misteksten, voorbeden en diverse andere suggesties voor vieringen met gewijde of niet-gewijde voorganger. Voor meer informatie over de uitgave en een abonnement, zie de website van Berne Media.