790 jaar Dominicus. Laudare, benedicere, praedicare.

0
1669

Zijn naam was Domingo de Guzman. Hij werd geboren in 1170 in het noordelijk deel van Spanje, in Castilië – Caleruega en stierf in Bologna op 6 augustus 1221. Zijn feestdag wordt gevierd op 8 augustus op zijn Pasen, twee dagen na zijn overlijden, vandaag precies 790 jaar geleden.

Zoals uit door leerlingen opgetekende woorden van Dominicus te lezen is, was zijn woord ‘een woord van genade’ en zijn genade ‘de genade van het woord’. Een charisma. Dominicanen zijn in de vorige eeuw decennia lang, en daarvoor centennia lang gewaardeerd als Predikers, als Predikheren begiftigd met de genade van het woord.
Iedere tijd krijgt de heilige die het verdient

Dominicus doet zijn intrede als ordestichter. Dominicus zag grote rijkdom en wilde terug naar de armoede, evenals Franciscus van Assisi, een tijdgenoot van Dominicus die ‘Vrouwe Armoede’ bezong. Dominicus zag veronachtzaming van de prediking en streefde daarom naar een herleving van de prediking. Zo werd de prediker Dominicus geboren, om mensen opnieuw op het goede Goddelijke pad te brengen en Jezus’ blijde boodschap te verkondigen.

Dominicus is de stichter van de Dominicanen. Hij studeerde in Palencia en werd rond 1195 kanunnik van de kathedraal van Osma (tegenwoordig Burgo de Osma). In 1203 en 1205 begeleidde hij als subprior van het kathedraalkapittel bisschop Diego van Osma op een reis naar Denemarken in opdracht van de koning van Castilië. Eenmaal op weg belandden zij in een herberg in de buurt van Toulouse. Hier kwam Domingo met de herbergier in gesprek die Kathaarse gedachten bleek te hebben. Tot ’s ochtends vroeg hebben zij in de herberg met elkaar gesproken en heeft Dominicus geprobeerd te herbergier te overtuigen van zijn ongelijk. Dit is uiteindelijk gelukt. Deze ervaring is een keerpunt geweest in Dominicus zijn leven. Hierdoor heeft Dominicus het plan opgevat om eerst in Scandinavië en later zijn leven te wijden aan het preken over de heilsboodschap Jezus Christus en om te missioneren. Spoedig na zijn terugkeer in Frankrijk kreeg Dominicus in 1206 van de paus een missietaak in de Languedoc, waar hij samen met Cisterciënzers de Kathaarse ketters moest bestrijden. De monniken bereikten destijds weinig door hun optreden en uitstraling. Dominicus begon daarom in alle eenvoud te prediken. Zijn prediking had duidelijk succes. Eind 1206/1207 stichtte hij te Prouille een vrouwenklooster, het eerste klooster van de latere Dominicanessen. Dit waren zusters die Dominicus gesteund hebben in zijn ‘Albigenzenmissie’.

In Toulouse begon hij met de oprichting van een orde voor de prediking. Van paus Honorius III (1216 – 1227) verkreeg hij in 1216 bevestiging voor zijn orde. In 1217 zond Dominicus zijn broeders uit naar Parijs, Spanje en Italië. De broeders moesten met name aan de universiteiten van Parijs en Bologna theologie gaan studeren. Er ontstond een internationale orde die in 1220 voor het eerst in Bologna een generaalkapittel hield. De nadruk kwam sterk te liggen op studie en het leven naar het Woord.

Dominicus predikte in die jaren vooral in Noord-Italië. Hij deed afstand van de leiding van zijn orde. Uitgeput door het vele reizen stierf hij op 6 augustus 1221 te Bologna. Hij werd begraven in de San Domenico te Bologna. De voorganger in de uitvaart was kardinaal Hugolino, de latere paus Gregorius IX (1227 – 1241) die zich die dag in Bologna bevond. In 1234 werd hij door Gregorius heilig verklaard. Zijn feestdag is tegenwoordig 8 augustus. In 1268 werd het lichaam van Dominicus geplaatst in een door Nicola Pisano gebeeldhouwd grafmonument.

De Dominicanen
Dominicus inspireerde mensen door zijn opgewekte aard, praktische instelling en scherp oog voor de tekenen van de tijd. Hij richtte een dynamische orde op met als hoofdtaken prediking en zielzorg. Van Dominicus zijn behalve enkele brieven geen geschreven werken bewaard gebleven. Laudare, benedicere, praedicare (lLofprijzen, zegenen en prediken) is het motto van de Dominicanen. Deze woorden vormen niet alleen de titel van een boek van Dominicanen, het is ook een lijfspreuk van de orde; woorden van genade en waarheid.

Intellectueel gedachtegoed
Een zinspreuk van Thomas van Aquino luidt: Contemplari et contemplare aliis tradere (Beschouwen en het beschouwde aan anderen overdragen). Dominicanen hebben vanaf het begin de relatie proberen te leggen tussen geloofsbeleving en de tijd waarin zij leefden. Tot de Dominicaan Marie-Dominique Chénu (+ 1990) aan toe die bekend is geworden door zijn opvatting over de ‘tekenen van de tijd’. Theologie als studie van de verbintenis tussen God en de mensen in hun tijd.

Dominicanen baseerden zich hierbij op een uitspraak van Anselmus van Canterbury: Fides quaerens intellectum (Het geloof is op zoek naar inzicht). Dit hield in dat er geen tegenstelling is tussen geloven en wijsgerig kennen: theologie naar de hedendaagse maatstaf.

In Spanje becommentarieerden al vroeg Dominicaanse theologen als Bartolomé de Las Casas (1474 – 1566) en Francisco de Vitoria (1483 – 1546) de theologische en juridische implicaties van de veroveringen in de Nieuwe Wereld. Zij staan mede aan de oorsprong van het volkenrecht en de mensenrechten.

De kloosterregel
De Dominicanen hebben de kloosterregel van Augustinus aangenomen. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo, woonde met meerdere geestelijken samen in een soort kloostergemeenschap voor een leven van gebed, armoede, studie en zielzorg. De regel, uit zijn geschriften samengesteld, diende later als richtsnoer voor geestelijken die in een gemeenschap leefden. Hieruit ontstonden gemeenschappen van reguliere kanunniken, zoals Norbertijnen en Kruisheren. Ook de Dominicanen namen in 1215 naast andere bedelorden onder Paus Innocentius III (1198 – 1216) de regel van Augustinus aan. Daarnaast namen de Dominicanen van de Premonstratenzers of Norbertijnen de witte kleding over als ook het getijdengebed en het samenwonen in een convent of klooster.

De rozenkrans
Er is sprake van dat Dominicus zelf de Rozenkrans heeft ingevoerd na het ontvangen van een visioen waarin Maria hem verscheen in een stralenkrans. Waarschijnlijker is dat Dominicus in zijn tijd een gebedssnoer heeft gezien dat (Islamitische) Arabieren droegen tijdens de verovering van Spanje. Daarnaast wordt ook aan de Dominicaan Alanus van Rijsel de invoering in de 15e eeuw van het gebruik van de Rozenkrans toegeschreven. De instandhouding en bevordering van het bidden van de Rozenkrans gaat evenwel goed samen met de theologie als gelovig en wijsgerig kennen. Inmiddels is er klinisch research verricht naar de heilzame invloed van het bidden van de Rozenkrans. Dit wordt inmiddels ‘evidence based’ bewezen geacht.

Heer, Gij hebt de heilige Dominicus gemaakt
tot een uitmuntend verkondiger van uw waarheid.
Laat hij voor uw kerk een steun blijven
door zijn leer en verdiensten
en voor ons een toegewijd voorspreken zijn bij U.
Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon.

Diaken Johannes Belt

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here