Broeder Hans van Bemmel woont sinds enkele weken als enige franciscaan tussen negen minderbroeders kapucijnen in het kapucijnenklooster in ’s-Hertogenbosch. In de zomer van 2018 zullen de kapucijnen verhuizen naar Tilburg. Een franciscaanse gemeenschap, waaronder veel jongere broeders, zal dan haar intrek nemen in het klooster. In een interview met Katholiek.nl vertelt broeder Hans over de toekomstplannen in het ‘nieuwe’ klooster.

Franciscaan Hans van Bemmel als eerste in het ‘nieuwe’ klooster

Tussen de ‘oudere’ broeders kapucijnen, is franciscaan Hans van Bemmel (68 jaar) een van de jongeren. De nieuwe bewoners van het klooster, die er in het voorjaar van 2018 zullen gaan wonen, zijn echter nog een stuk jonger. Jonge of tijdelijk geprofeste broeders van de franciscanen gaan daar op loopafstand van het Bossche centrum hun eigen communiteit opbouwen. Een van hen zal eind dit jaar al zijn intrek nemen in het nieuwe klooster. “Onder de jongere broeders voelden we het verlangen dat zij op eigen manier invulling kunnen geven aan het ‘broeder-zijn’. Deze kans wilden we hen graag geven en toen is een werkgroep gestart naar het zoeken van een nieuw klooster, waar we gehoor konden geven aan deze wens.”

Dit ‘nieuwe’ klooster voor de franciscanen is het ‘oude’ klooster van de minderbroeders kapucijnen in ’s-Hertogenbosch geworden. Toen de kapucijnen in februari 2017 naar buiten brachten dat ze naar Tilburg zouden verhuizen, vielen voor de franciscanen alle puzzelstukjes op hun plek: “het is een goed onderhouden klooster, midden in een stad. Een belangrijke stad, want hier is een rijke (religieuze) historie en dat mogen wij voort gaan zetten”.

“Het werk van de kapucijnen doorzetten”

Er zijn al ruim vierhonderd jaar minderbroeders kapucijnen in ‘s-Hertogenbosch. Sinds 1898 wonen zij in het klooster aan de Van der Does de Willeboissingel. Volgens Van Bemmel hebben de kapucijnen geweldig werk gedaan in Den Bosch. Hij heeft zich dan ook altijd zeer aangetrokken gevoeld tot deze orde. Ook daarom is hij blij dat de franciscanen het klooster kunnen gaan betrekken: “het voelt ook niet dat wij het klooster overnemen, we zijn tenslotte allemaal minderbroeders, we gaan het goede werk van de kapucijnen hier doorzetten.” 

Roepingen

Binnen de gemeenschap van de franciscanen is Hans van Bemmel ook roepingenbroeder. Zijn eigen roeping was er al op jonge leeftijd. Hij gaf echter pas op latere leeftijd – zoals vele kloosterlingen – gehoor aan zijn roeping. Broeder Hans volgde enige tijd een opleiding op het kleinseminarie. Tot teleurstelling van zijn vader maakte hij die opleiding niet af: “zo ging dat in die tijd”. Tijdens een succesvolle carrière bij de Hema kwam op veertigjarige leeftijd zijn roeping weer naar boven. Van Bemmel kwam toen het project ‘Franciscaan voor een jaar’ tegen. Dit besloot hij te gaan proberen. Maar voor zichzelf had hij al uitgemaakt dat één jaar franciscaan, een leven lang zou worden.

Alle mannen die het gevoel hebben dat God hen roept en die bij de franciscanen aankloppen, gaan met broeder Hans in gesprek. Hij verwelkomt ze, bezoekt ze en stippelt samen een traject van intreden en vorming met hen uit. Volgens Van Bemmel komen de jongeren om verschillende redenen naar het klooster. Maar bij allemaal heeft God zich door heel hun leven laten zien, volgens Van Bemmel. De goedlachse Rotterdammer lijkt de aangewezen persoon voor franciscanen om geïnteresseerden te begeleiden met hun roeping. Dit heeft hij de afgelopen tijd wel bewezen, want met de aanwas van nieuwe broeders lijkt het wel goed te zitten.

Jonge broeders gaan de kern van het klooster vormen

Omdat het aantal jonge broeders de laatste jaren zo sterk is toegenomen, keek de orde uit naar een nieuwe plek. “Op deze nieuwe plek krijgen de jonge broeders de kans om op een eigen wijze vorm te geven aan hun leven als broeder, maar wel met een goede begeleiding. Daarom ben ik ook hier.” Naast de jongere broeders verhuizen ook enkele andere franciscanen vanuit Amsterdam en Megen naar Den Bosch.

Het plan kwam enige tijd geleden even in gevaar. In een korte periode besloten drie jonge broeders de orde te verlaten. Het bestuur van de franciscanen had echter zo veel vertrouwen in de plannen dat men toekomst bleef zien in het nieuwe klooster. Kort daarna zijn weer nieuwe broeders ingetreden en staan verschillende jonge mannen klaar om toe te treden tot de orde. Zij komen niet per definitie in het nieuwe klooster te wonen. Het is belangrijk om ook de balans in de andere communiteiten te bewaren, aldus Van Bemmel.

Franciscanen, Clarissen en Seculieren (OFS)

Het project in ’s-Hertogenbosch begint vorm te krijgen. Daarom heeft broeder Hans al zijn intrek genomen in het klooster om dit proces gaande te houden. Hij verwacht dat over een paar maanden de contouren van de toekomstplannen echt zichtbaar gaan worden. Duidelijk is dat de jongeren hun ‘Missio’ gaan vervullen in ’s-Hertogenbosch zoals het franciscanen betaamt: aanwezig zijn voor de zwakkeren in de samenleving en hen de helpende hand bieden.

Dit gaan de franciscanen echter niet alleen doen. Ook zullen er waarschijnlijk clarissen in het klooster komen wonen en leden uit de derde orde, de ‘Orde Franciscanen Seculieren’. “Het is niet de bedoeling dat de gemeenschappen van clarissen in Megen en Nijmegen verzwakken. Ook voor seculieren is het een overgang om vanuit een flat of appartement in een heus klooster te gaan wonen, dit zijn dus nog zaken die in ontwikkeling zijn en tijd nodig hebben.”

Hans van Bemmel verwacht dat in de zomer van 2018 het project in ’s-Hertogenbosch definitief vorm heeft. Uiteindelijk zullen ze met ongeveer twintig bewoners de franciscaanse spiritualiteit in ’s-Hertogenbosch gaan uitdragen.