Vorige week was ik in Polen voor een internationale conferentie van theologen. Op de laatste dag van de conferentie kwam een Amerikaanse professor naar me toe. Hij vroeg of het echt waar was dat de kardinaal van Nederland duizend kerken wilde sluiten. ’s Middags stelde een Poolse priester mij dezelfde vraag. Ik heb hen allebei hetzelfde antwoord gegeven. Allereerst hebben we niet eens duizend kerken in het aartsbisdom Utrecht. En ik geloof oprecht dat kardinaal Eijk geen kerken wil sluiten. Ze gaan dicht omdat er geen mensen komen, geen vrijwilligers zijn, en het geld eenvoudigweg op raakt. De kerkgebouwen hebben standgehouden door decennia van ontkerkelijking heen. Nu is de koek voor veel gemeenschappen echt op.

Vanmiddag bleek dat niet alleen Amerika en Polen horen over het reilen en zeilen in het verre Nederland. In een Italiaanse krant las ik dat de kardinaal vergeleken werd met kalief al-Baghdadi. Inderdaad, het hoofd van de moordlustige ‘Islamitische Staat’. De overeenkomst is kennelijk dat ze allebei christenen verdrijven. Tenminste, de demonstranten die onlangs op de Maliebaan stonden werden niet het slachtoffer van een bloedbad – dus daar zal de vergelijking wel niet op gebaseerd zijn. Na deze twee berichten weet ik twee dingen zeker. Het fatsoen is al lang geleden zoek geraakt. En de waarheid is steeds lastiger boven tafel te krijgen.

Beslissende keuzes

De kerk in Nederland staat voor beslissende keuzes. Daar staan we eigenlijk al heel lang voor, maar de noodzaak om keuzes te maken wordt steeds dringender. Keuzes in de kerk, de gemeenschap van gedoopten, vinden hun basis allereerst in het Evangelie. Voordat we elkaar in de haren vliegen, moeten we samen de vraag stellen: wat zegt de Heer? “Ik ben de wijnstok, gij de ranken. Wie in Mij blijft terwijl ik blijf in Hem, draagt veel vrucht,” zegt Hij in het Johannes-evangelie.

Het Evangelie spreekt over de belangrijkste verbinding van allemaal: de verbinding met Jezus en, door Hem, met de Vader. Het doel van die verbinding is dat we vruchten dragen. Verder op vertelt Jezus zijn vrienden wat die vruchten zijn: liefde, vreugde, vriendschap, en geloof. Uiteindelijk zal Jezus de Heilige Geest geven aan zijn leerlingen, opdat ze Zijn boodschap verder zullen brengen in de wereld. Zonder die verbondenheid met Jezus kunnen we niets. Als we losraken van Jezus, dan verdrogen en verdorren we. Ons geloof wordt dan een vruchteloos en gefrustreerd zwoegen.

Verbinding met Jezus is de voorwaarde voor bloeiende gelovigen. Die gedachte staat in schril contrast met de verdeeldheid die steeds verder opgestookt wordt – en waar overigens niet slechts één schuldige aan te wijzen valt. Maar laten we bij het woord ‘verbinding’ ook opmerken dat het gaat om de verbinding met Jezus. Het kerkgebouw en de geloofsgemeenschap zijn middelen die ten dienste staan van die verbinding. Soms, steeds vaker zelfs, moeten we over de grenzen van de eigen gemeenschap heengaan om daar aan te werken. Dan verbinden we ons met parochianen elders, om ons geloof op te laten bouwen. Dan komen we samen om de sacramenten te ontvangen, die ons helpen om ‘in Hem’ te blijven.

Over grenzen heen

Na bijna vijf jaar priesterschap ben ik er steeds meer van doordrongen dat de ontwikkelingen mensen heel veel pijn doen. Ik begrijp dat veel keuzes buitengewoon teleurstellend uitvallen. Het is lastig om het onder woorden te brengen, maar ik wéét wat de kerk mensen waard kan zijn. Daarom begrijp ik ook heel goed dat mensen juist nu verlangen naar verbindende leiders, in hun parochie en hun bisdom.

Zelf ben ik geen priester geworden om de Emmanuelkerk in Zutphen te sluiten, zoals we deden met het pastoraal team daar. Ik ben ook geen priester geworden om te preken over kerksluiting, zoals ik dit weekend doe. Ik ben priester geworden om mensen te verbinden met Jezus Christus, de ware wijnstok. Want ik geloof dat mensen vanuit die verbinding tot bloei komen, en gelukkig worden. Die verbinding met Jezus is nog volop mogelijk. Hij verbindt ons ook met elkaar, over de grenzen van geloofsgemeenschappen en bestaande parochiestructuren. Het is de verbinding met Hem die je vasthoudt als alles om je heen wegvalt, tot de muren van je kerkgebouw aan toe. Blijf in Hem, Hij laat niet los.

Wat ik ten diepste verlang, is dat we elkaar in de kerk niet als vijanden zien. Ik zou verlangen dat geloofsgemeenschappen niet zouden concurreren, bijvoorbeeld over wie de nachtmis krijgt met Kerstmis. Dat is geen verzonnen voorbeeld, en er zijn er nog veel meer. We zijn geen concurrenten, en geen tegenstanders. “Gij zijt de ranken,” zegt de Heer. Het eerste wat telt is dat ieder van ons verbonden blijft met Hem. In mijn parochie heeft het pastoraal team net een beleidsplan gepresenteerd, met de titel “Onderweg in Geloof.” Eén van de speerpunten is het zoeken naar verbinding in kleine geloofsgroepen, en samenwerkingen over grenzen heen. Wat ik verlang, is dat we iets van die visie waar kunnen maken. Wat ik verlang, is dat de sacramenten zó belangrijk zijn, dat we ze het liefst met elkaar vieren. Mijn verlangen is, dat we samen de verbindingen zoeken met Jezus. Hij belooft ons dat we dan vruchten zullen dragen. Vruchten van eensgezindheid, van het vurig enthousiasme van de Heilige Geest, en de zoete vrucht van een vreugdevol geloof.