Massimo Faggioli is een Italiaans historicus en theoloog. Hij schreef onderstaande opinie waarin hij voor paus Franciscus twee uitdagingen ziet na de synode: een ‘Gregoriaanse’ hervorming en het herstel van een ‘theologische gezondheid’ van een kerk waar te veel herders doctrine belangrijker vinden dan pastorale zorg.

Het eind van de bisschoppensynode van 2015 was niet minder dramatisch dan dat van vorig jaar. Maar het slotdocument, dat tweederde van de meerderheidsstemmen kreeg voor alle paragrafen, is echter voorzichtiger dan de tekst van 2014. Het document zwijgt ook over een aantal belangrijke zaken, in het bijzonder over de houding van de kerk ten opzichte van homoseksuelen (behalve een zwak gedeelte over gezinnen met homoseksuele leden).

Stap terug?

Deze stilte is duidelijk een stap terug vergeleken met afgelopen jaar, en is het gevolg van de verkiezing van enkele bisschoppen en kardinalen op prominente posities in het debat tijdens de synode – bisschoppen en kardinalen die duidelijk vijandig zijn ten opzichte van de nieuwe koers van Franciscus. Maar in deze zin is de relatio van 2015 een document dat ons een beeld geeft van de kerk – om precies te zijn, van haar bisschoppen – en dat staat dichter bij de realiteit. Een beeld van de kerk zoals zij vandaag de dag is, en niet zoals we haar zouden willen. Maar het is ook duidelijk waar deze kerk heen gaat, en dat met een stevig tempo.

Procedure is winst

Het belangrijkste resultaat van de synode was de procedure. In de geschiedenis van de rooms-katholieke kerk na de reformatie bestaat er niets vergelijkbaars, behalve dan wat er plaatsvond tijdens het Tweede Vaticaans Concilie. Na Vaticanum II volgde, na een erg kort seizoen van episcopale synodaliteit onder Paulus VI, de winter van collegiale ontevredenheid. De collegialiteit van Vaticanum II begon en verdween in een periode van slechts een paar jaar, tussen December 1965 en 1968, toen Paulus VI Humanae Vitae publiceerde. Het door Franciscus ingevoerde synodale proces van 2014-2015 (en het is misschien niet per sé afgesloten) is wat de rooms-katholieke kerk vijftig jaar geleden verwachtte aan het eind van het Tweede Vaticaans Concilie. Er was de eerste post-Vaticanum II paus voor nodig (Franciscus werd in 1969 priester gewijd) om dit cruciale element van het concilie te implementeren. Franciscus heeft verloren tijd moeten inhalen – veel tijd. En dit werd bemoeilijkt door een aantal van de bisschoppen die verkozen leden waren van de Synode, de meeste van hen aangesteld door Johannes Paulus II en Benedictus XVI. De uitdaging voor Franciscus was om hen de kwesties onder ogen te laten zien die tot drie jaar geleden genegeerd werden, of die behandeld werden alsof ze niet echt bestonden of de kerk iets aangingen.

Het nu zichtbaar geworden beeld van de rooms-katholieke kerk is er één van grote diversiteit, met vele en verschillende ideologische breuken (ideologisch, geocultureel, generationeel). Er is echter geen twijfel over dat de meerderheid voorstander is van de openheid van Franciscus. Dit is opmerkelijk, gezien het feit dat bijna al deze bisschoppen aangesteld zijn door Wojtyla en Ratzinger.

Complexe werkelijkheid

De geo-theologie van het katholicisme werd op de synode zichtbaar met dezelfde complexiteit die ze in werkelijkheid heeft. De Zuid-Amerikanen volgden Franciscus met hun model van de rooms-katholieke kerk die effectief kan handelen op het continentale niveau. De Italianen waren sterk verdeeld en verschilden sterk van elkaar – van bisschop Franco Brambilla, een gerenommeerd theoloog die zijn dissertatie schreef over de Nederlandse progressieve theoloog Edward Schillebeeckx, tot kardinaal Carlo Caffarra, een moraaltheoloog die een groot deel van de encycliek van Johannes Paulus II over leven en huwelijk schreef, tot zelfs kardinaal Mauro Piacenza, een conservatieve bureaucraat. De Duitsers bewezen dat hun theologisch denken, net als vijftig jaar geleden, nog steeds nodig is om het denken van de kerk vooruit te helpen. En de Engels-sprekende bisschoppen (in het bijzonder uit Afrika en Amerika) lieten zien dat zij door politieke overwegingen gemotiveerde culturele strijders waren. We zagen verschillende gestalten van de Afrikaanse kerk, met kardinaal Peter Turkson als de stem van haar toekomst en kardinaal Robert Sarah van haar verre verleden. En de Oost-Europese bisschoppen leken meer gevormd te zijn door de erfenis van Johannes Paulus II dan door een bewustzijn van wat er voor ons ligt in de toekomst.

De synode liet ook zien dat een groot deel van het hedendaagse katholieke debat een uiting is van een onderling debat tussen Amerikaanse bisschoppen. Het feit dat zij het openlijk met elkaar oneens waren (kijk naar het openhartige interview met kardinaal Donald Wuerl uit Washington met America Magazine van 18 oktober) is op zich al verrassend. Het is het symptoom van het extremisme en de hokjesgeest van enkelen (waar Wuerl op reageerde), maar ook het teken van de doorbraak van Franciscus in de Amerikaanse katholieke hiërarchie (bisschop Blaise Cupich van Chicago, bisschop Robert McElroy van San Diego, bisschop Joseph Tobin van Indianapolis, en kardinaal Sean O’Malley van Boston zijn niet de enigen; ze staan er niet alleen voor).

De situatie in de kerk is zich aan het ontwikkelen, maar het is ook duidelijk dat deze kerk Franciscus meer dan ooit nodig heeft. Kwesties waarover voor de tekst van 2015 compromissen werden gesloten, zoals de sacramenten voor hertrouwd gescheidenen, zullen aangekaart worden door de volgende synodebijeenkomst of door de paus zelf voor die tijd. En er zijn, uiteraard, bisschoppen, priesters en leken die al tijdelijke oplossingen hebben gevonden die door geen kerkelijke wet gegeven kunnen worden.

In een situatie als deze is de verschuiving richting een nationale of continentale bisschoppenconferentie zowel noodzakelijk als zeer riskant. De stap richting meer collegialiteit kan ertoe leiden dat sommige episcopaten zich terugtrekken uit de werkelijkheid.

Het slotdocument van de synode is belangrijk, maar het zegt minder over de toekomstige richting van de kerk dan de grote speeches van Franciscus op 17 oktober (een nieuw ecclesiologisch raamwerk voor een synodale kerk) en 24 oktober (tegen de ideologieën in de kerk). Dit is waarom de synode van 2015 sommige liberalen zal teleurstellen, maar een duidelijke overwinning is voor Franciscus.

De arrogantie van enkele anti-Franciscus traditionalisten verbergt een duidelijke teleurstelling over het moeten heropenen van kwesties waarvan gedacht werd dat ze voor altijd gesloten waren (“hadden we op dit punt niet al gewonnen?”).

Uitdagingen voor paus Franciscus

De uitdaging voor Franciscus is tweeledig. De eerste uitdaging is dat Franciscus de koers heeft gezet voor een kerkelijke hervorming die niet persoonlijk en individueel is, maar institutioneel en collectief, vergelijkbaar met de ‘Gregoriaanse hervorming’ (van Gregorius VII in de elfde eeuw). Het grote verschil is dat er nu niet langer een Heilig Romeins Rijk is om te dienen als politieke wederhelft (voor de hegemonie in het Europese christendom) en als institutioneel model (de Gregoriaanse hervorming maakte van de paus de keizer van de kerk).

De tweede uitdaging voor Franciscus is om de theologische gezondheid te herstellen van een kerk waar te veel herders ‘doctrine’ als iets belangrijkers zien dan ‘pastorale zorg’ – en die continue paraat staan om ketterij te ruiken en te veroordelen. Beschuldigingen van ketterij en het warschuwen voor schisma’s zijn sectarische gebaren en teken van wanhoop. Er zijn sommigen die de rooms-katholieke kerk zien als een eiland van zekerheid en geruststelling in een wereld die meer en meer chaotisch en beangstigend lijkt (en die om deze reden lid worden). Maar dat zegt meer over hen dan over de kerk of over de wereld.

*Massimo Faggioli is een Italiaans historicus en theoloog, en doceert aan de Saint Thomas-universiteit in St. Paul, Minnesota (Verenigde Staten). Hij is ook te vinden op Twitter. Artikel geschreven door Massimo Faggioli, Vaticaanstad, 26 oktober 2015. Dit artikel verscheen eerder in het Engels in Global Pulse Magazine. Vertaling naar het Nederlands: Zeger Polhuijs.

(Foto: Flickr.com/Zheng/public domain)