Lectio divina, letterlijk ‘goddelijke lezing’, is een bijzondere en intensieve manier van lezen van vooral de Bijbel; een ervaren ook, dat je daarbij ten deel kan vallen, dat God je in dat lezen aanspreekt.  De twee auteurs van een onlangs uitgekomen boek hierover ‘Lezen voor je leven. Aan de slag met Lectio Divina’ zijn Dom Bernardus, rooms-katholiek en abt van de trappistenabdij Koningshoeven in Berkel-Enschot bij Tilburg, en ds. Jos Douma, predikant van de gereformeerd-vrijgemaakte Plantagekerk te Zwolle.

Zou nu we 500 jaar Reformatie gedenken juist lectio divina, “deze eeuwenoude monastieke manier van Bijbellezen”, vraagt Jos Douma zich in het Voorwoord af, de plek kunnen zijn waar katholieken en protestanten elkaar weer kunnen ontmoeten?  “Vanuit onze gezamenlijke passie voor Christus… en onze gedeelde liefde voor de Schriften…”.

Toegankelijk en praktisch

Dit kleine en fijne boekje van 94 pagina’s is vlot geschreven met toegankelijke teksten. Het is inclusief her en der aansprekende foto’s en kent grofweg twee gedeelten. Het eerste deel heeft twee achtereenvolgende interviews door ds. Elsbeth Gruteke met de auteurs én twee inleidingen op lectio divina van ieders hand ― “reflecterende bijdragen” aldus het Voorwoord.  Het tweede deel bestaat uit 14 praktische oefeningen in lectio divina, wederom verzorgd door de beide auteurs.

Twee persoonlijke verhalen

In de twee interviews vertellen de auteurs over hun eigen kennismaking met deze intensieve manier van Bijbellezen en hoe die zich geleidelijk aan heeft verdiept. Dit vertrek vanuit een meer persoonlijk verhaal is een goede aanzet tot de behandeling van dit onderwerp; lectio divina is, of het nu individueel of in een groep wordt beoefend, altijd “een intieme dialoog” (paus Benedictus XVI, aangehaald door Douma) met de in de tekst sprekende God. Douma spreekt over “denken dat in het hart komt”.
Opmerkelijk is dat beiden al relatief vroeg in hun leven kennis hebben gemaakt met de eerste sporen van lectio divina: Dom Bernardus als jonge misdienaar van een jaar of 11 in zijn parochie, ds. Bouma als jongeman tijdens zijn theologiestudie in Kampen, toen hij op het begrip meditatio stuitte. (Jeugd is natuurlijk geen voorwaarde voor een vruchtbare beoefening van lectio divina, haast ik me erbij te zeggen; je kunt er op elk moment van je leven mee beginnen.)
“Lectio divina heb ik pas echt leren kennen in het klooster, daar kreeg ik Bijbellezen volgens deze methode aangereikt.”(Dom Bernardus). Douma ging zich na zijn ontdekking steeds meer, zowel praktisch als studieus, met lectio divina bezighouden, zo vertelt hij.

Lectio divina

Lectio divina is vervat in het traditionele viertal van ‘lezen’ (lectio), ‘overdenken’ (meditatio), ‘bidden’ (oratio) en ‘aanschouwen’ (contemplatio). Kort samengevat: eerst lees je de tekst zorgvuldig en hardop; je vraagt je af wat die voor jou zou kunnen betekenen; je spreekt je op grond hiervan uit in gebed tot God, en tot slot laat je het in beschouwing in jezelf bezinken. Het zijn trouwens eerder dimensies, dan per se keurig achtereenvolgende fasen, eerder een cirkel dan een rechte lijn.

Een achtvoudig pad

In zijn reflecterende bijdrage, ‘Het pad van de lectio divina. Een lamp voor onze voeten’, denkt Douma op het klassieke viertal door en ontwikkelt het verder. Hij voelt zich tot dat laatste uitgedaagd door Benedictus XVI; volgens deze “moet de lectio divina […] in toenemende mate worden aangemoedigd, ook door het gebruik van nieuwe methoden, die zorgvuldig zijn doordacht en eigentijds zijn.” Douma voegt aan het klassieke viertal een complementair viertal toe: bij het hardop lezen (lectio) noemt hij daarnaast het belang van stilte (silentio); bij meditatio bepleit hij ruimte voor samenspraak met anderen (collatio); bij gebed (oratio) ruimte voor actio, overeenkomstig het monnikendevies ‘ora et labora’, bid en werk; naast “de gelukzalige rust” (contemplatio) vraagt hij in navolging van Luther “aandacht voor wat er moeilijk is in mensenlevens, voor wat er schuurt als je naar woorden van de Heer luistert”. Luther liet het Bijbel lezen uitmonden in de tentatio, de aanvechting.
Ook anderen hebben in de loop der tijd aan het traditionele viertal lezen-meditatie-gebed-beschouwing stappen toegevoegd; Douma’s ‘achtvoudig pad’, zoals hij het zelf noemt (natuurlijk een ondeugende christelijke knipoog naar dat van de Boeddha) vind ik een vondst. Waarschijnlijk wordt daarmee aan de realiteit en het potentieel van hedendaags intensief Bijbellezen meer recht gedaan.

De Tafel en het Woord

Dom Bernardus breekt in verband met de lectio divina een lans voor de tafel in zijn artikel ‘Aan tafel met het Woord. Een katholiek perspectief op lectio divina’. Hij spreekt over de gezamenlijke tafel waaraan het Woord wordt gelezen, hiertoe overigens geïnspireerd door een zin uit een eerder boek van Douma (Verlangen naar het goede leven). De monnik gaat, aldus Dom Bernardus, aan tafel met het Woord op zijn bidplaats, tijdens de gezamenlijke maaltijden (er wordt in kloosters aan tafel voorgelezen), én aan “de tafel van de Heer, het altaar”. In de eucharistie wordt steeds de Bijbel gelezen. Er is een onlosmakelijke band tussen lectio en eucharistie, tussen Woord en Sacrament. In het interview van Elsbeth Gruteke met Dom Bernardus had hij met instemming al verwezen naar de Nederlands-Canadese protestantse theoloog Hans Boersma die de lectio divina als “sacramentele lezing van de Bijbel” omschrijft.

Opvallend in dit boekje – dit even terzijde, maar niet zonder betekenis –  is dat de afzonderlijke auteurs niet alleen uit de eigen (katholiek-monastieke of protestantse) traditie putten, maar ook uit de traditie van de ander en zich zelfs openlijk door elkaars eigen teksten en bevindingen laten inspireren. Dit geeft blijk van een duidelijke onderlinge oecumenische dialoog.
De twee auteurs zijn duidelijk geestverwanten, maar schrijven overigens niet twee keer hetzelfde; dat geldt ook voor de oefeningen in het tweede gedeelte, die we hieronder zullen aanstippen. Beide auteurs hebben duidelijk hun eigen touch. De sterk monastieke benadering van Dom Bernardus springt eruit en heeft haar eigen mooie kleur; echte tegenstellingen heb ik niet kunnen ontwaren. De verschillen tussen de twee laat ik graag zelf ontdekken door ieder die het boek ter hand zal nemen.

Oefeningen

In wat ik gemakshalve het tweede gedeelte van ‘Lezen voor je levennoem, vinden we de aangeboden oefeningen van lectio divina, verspreid over drie hoofdstukken: ‘Lectio divina bij Bijbelteksten’, ‘Lectio divina bij kunst’ en ‘Lectio divina bij andere teksten’.
Bij alle oefeningen wordt na een korte inleiding bij elk van de vier stappen iets gezegd: lees, overweeg, bid, schouw. Er staan in deze oefeningen mooie verwijzingen naar en citaten van zowel kerkvaders, als monniksvaders alsook moderne auteurs. Ook hun gebeden vinden we onder het kopje ‘bid’. Oude traditie komt op deze manier – jong en fris – tot bloei.
Bijzonder vind ik dat beeldende kunst voorwerp wordt van lectio divina, of beter: van visio divina, ‘goddelijk zien’. Een icoon van Christus Pantokrator wordt in een oefening door Douma in het centrum geplaatst, wat ook tot het wezen van iconen behoort: beelden van gebed te zijn. De lectio van de Christus-icoon staat misschien voor alle lectio divina: zich plaatsen in de – door de auteurs steeds als zodanig benadrukte – liefdevolle blik van Christus, van God. Maar we komen er ook een modern kunstwerk tegen van Marc Mulders (bij Dom Bernardus). “Ik kijk vanuit lectio naar […] moderne kunst. Viso divina, dat is trouwens voor onze jongste broeders en voor jonge mensen die veel visueler zijn ingesteld, een mooie opstap naar de lectio divina. (interview met Dom Bernardus, p 26).

Het laatste hoofdstuk van het tweede gedeelte gaat weer over lectio divina bij teksten, maar dan bij deze die niet in de Bijbels staan: spirituele teksten van Miskotte, Bonhoeffer, Willem van St Thierry en Thomas Merton. Het is goed dat lectio divina niet alleen van tekst naar beeld, maar ook van Bijbeltekst naar niet-Bijbelse tekst wordt verbreed. “Lectio is een manier van lezen die je leert om achter die woorden van de tekst te kijken. Als je dat echt leert dan is dat geweldig. Dan kun je bijna ook, dat is heel gevaarlijk om te zeggen, lectio bedrijven met de krant. Dat leert lectio je ook. God is in alles aanwezig, zelfs in woorden waarvan je je in eerste instantie afvraagt wat je er mee moet.” (Dom Bernardus, p 26).

Overigens dient hierbij opgemerkt te worden dat zowel de vier besproken kunstwerken als de vier niet-Bijbelse teksten ronduit Bijbels zijn van thematiek; misschien de mystieke tekst van Miskotte, gelezen door Douma, nog het minst expliciet, maar deze Nederlandse protestantse theoloog uit de 20e eeuw was natuurlijk gepokt en gemazeld door de Schrift.

Goed lezen

Gelukkig – zou ik haast zeggen – is Lezen voor je leven niet het perfecte woord over lectio divina (en zeker niet het laatste; dat zou trouwens in tegenspraak zijn met alles waar lectio divina voor staat). Zo staan er een paar drukfouten in het boekje, een enkele keer is dat enigszins verwarrend. Zijn die door tijdsdruk bij het ter perse gaan aan een laatste correctieronde ontsnapt?
Bij lectio divina luister je naar een Woord dat niet van jou is, maar naar je toekomt. Het gaat, zo begrijp ik, om goed lezen wat er staat d.w.z. om goed luisteren. Daarbij resoneren bepaalde woorden, “ze gaan een verbinding aan met jou persoonlijk” (Douma, p 30). Mensen zijn vaak een vat vol gedachten, emoties, herinneringen, triggers, associaties; Douma zegt dat ook met iets andere bewoordingen in het vervolg van zijn betoog (p 31). Een Indiase wijsheid, zo las ik ooit, ziet ’s mensen mind als een aap die rondspringt in een boom; zo is onze menselijke conditie. In de Eerste Johannesbrief staat: ‘Geliefden, vertrouw niet elke geest, maar beproef de geesten of ze uit God zijn’ (1 Joh 4:1). Bij een gezamenlijke lectio divina kan het gesprek met anderen je daarbij helpen, individuele geestelijke begeleiding zou dat ook kunnen doen. Toch miste ik bij lezing enigszins een expliciet ingaan op deze vraag, die in elk geval bij mij opkwam: de vraag naar de onderscheiding der geesten.
Maar goed, laat duidelijk zijn dat deze paar kanttekeningen van me in de marge niets wegnemen van de grote waarde van dit kleine en fijne boek.

Dom Bernardus en Jos Douma, ‘Lezen voor je leven. Aan de slag met Lectio Divina| Berne Media, Uitgeverij Abdij van Berne, 2017 | ISBN 978-90-8972-190-7, NUR 728 | € 14,90